Sint Jan

 

en archei: in den beginne, om te beginnen

Het evangelie van Sint Jan zet hoog in. Niet veel teksten beginnen met zoiets origineels als in den beginne, of om te beginnen. Wie immers weet waar het begin begint. Een begin kun je alleen aanwijzen wanneer je het geheel kunt overzien. Maar waar laat je een vooralsnog never ending story beginnen. Leraren hebben derhalve vaak geweigerd terug te gaan naar bijvoorbeeld voor de schepping. Ze noemen de schepping ma-aseh beresjiet: de werken van het begin. Daarmee houdt het op. Want ieder kind kan begrijpen dat niets niet kn zijn.

 

de aanhef

van Sint Jans evangelie dateert en doneert naar de letter terstond Genesis 1,1. Alles wat daar een rol speelt is (als een programma) op voorhand aan het werk in de tekst. Daarmee is niet het zoeken naar citaten geopend, maar de mogelijk rele aanwezigheid van een andere wereld geduid. Die andere wereld ingezet met in den beginne en voortgezet met God schept hemel en aarde blijkt bij wijze van spreken uit op het licht.

Wat doet Sint Jan om dat licht te laten vinden? Hoe markeert hij zijn weg?

 

 

Sint Jan vervangt God schept de hemel en de aarde door het Woord. Gods Hoge Woord? In een nauw luisterende choreografie vult Johannes de ruimte. Let je op de griekse tekst dan is de volgorde: Woord, Woord, God, God, Woord, God. God is verkrijgbaar via het Woord. Dat woord, die uitgestoken hand van den beginnen. Alles is daarmee gezegd, namelijk, dat het geschiedenis maakt, geschied is en geschiedenis, dat wat gaande is, is. In dat woord is leven. En dat leven is licht. Licht voor de mensen, licht in het duister. Maar het duister zegt nee. Een tevergeefse geschiedenis?

 

Waar in Genesis 1 de Geest het geheim is dat Hemel en Aarde bijeen houdt heeft Johannes iets anders. Om te beginnnen is er het woord. Dat woord is toch een warm woord, een levend lichaam.

Leven is een oogopslag, licht, ogen die je aanzien, uitzien, zien. Al dan niet uitgesproken: een getuigenis. Voor Sint Jan een uitgesproken getuigenis. Daarmee is de toon van Johannes gezet.

 

anders gezegd

Het lijkt erop dat het voor Johannes te lang duurt. Met het ongeduld van een stamelaar timmert hij de woorden er uit. Want het gaat over wat er gebeurt en daar zijn woorden voor nodig. Woorden maken zichtbaar wat geen oog heeft gezien.

De Schriften, de Bijbelse traditie, waar wij spraakzaam met elkaar om mogen gaan, zijn zij geen uitzondering. Zij moeten het ook van woorden hebben. Alleen: die woorden verraden een andere oorsprong. Daar kunnen we elkaar niet op aankijken. Zij dichten de taal een andere oorsprong toe dan die van onze gedachten. Aan woorden voorbij. Straks zal Johannes die geschiedenis invullen. In alle kwetsbaarheid maakt het woord geschiedenis, als vlees. Waar je dat voelt kom(t) je de ander onmiskenbaar tegen.

 

 


 

Noot:

De in het frans schrijvende Emmanauel Levinas heeft filosofie geschreven met het woord visage voor ogen. In Nederland is dit woord in levinassiaanse kontekst oorspronkelijk weergegeven met "Gelaat". Naderhand is hier schoorvoetend ook "aangezicht" binnengehaald. Toch zal overwogen moeten worden, of visage niet voor-al de akt van het viseren bedoelt, het zien, op het oog hebben, beogen.

Anders gezegd: het woord visage bij Levinas is niet uit op zoiets als een ding, een zelfstandig naamwoord. Het gaat precies om het werkwoordelijke kartakter van het zien. De ander die mij ziet is gemotiveerd door een andere tijd dan die van mijn zien.


© Jan Engelen, Herten, 6 maart 2002


meer over licht
home
levinas, la trace de l'autre, ingeleid tekst en parafrase