Tsaddiek is een bijbels kernwoord. Je vindt het de eerste keer
in Genesis 6,9. Noach is een rechtvaardige.
Een bijbelse rechtvaardige is iemand die het woord (van
God) bewaart, die het tot zijn recht laat komen,
die laat zijn en waar maakt.
Tegenover de tsaddiek staat de rasja,
de afbreker.
De rasja, afbreker, bewaart niet. Hij doet afbreuk, is onbetrouwbaar.
De traditie vertelt: Van hen is niets te verwachten (Ber.R.27,3). Zijn woorden
en daden rijmen niet op elkaar.
Tsaddiek en rasja spelen een rol met betrekking tot dabar,
woord dat daad is, spreken en doen.
Denk aan mijn woord heb je, of: Ik geef je mijn woord!
Geen woorden maar daden mag dan iets voor voetbal-hartstocht betekenen,
bijbels gesproken is het om te beginnen on-zin.
Dé dabar is hét woord, Gods woord. Dat woord is altijd
spreken. Zie Jo 1,1.
Je kunt nu ook een perfecte uitleg geven van Jo 7,24.
Je ziet nu ook hoe bijzonder en nieuw Abraham is in Genesis12,4.
Was je bezig met Mattheüs, dan is hier je link.
© 2001, Jan Engelen, Herten/Roermond