jan engelen,Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar - 2003

De Tempel in Jerusalem - achtergrond bij lukas 1 en 2

deze webpagina is nog in aanbouw.

De tempel in Jerusalem is de enige  tempel die geen tempel is. In iedere tempel stond in de oudheid een beeld van de Godheid. In Jerusalem niet.

 

Wat was er dan in de tempel in Jerusalem?

De leraren zeggen: in de tempel woonde de naam van God.

Wie is God?

Dan beginnen alle verhalen.

Zo kun je verstaan: de tempel in Jerusalem is gebouwd op de berg van alle verhalen.

 

 


de tent van het verbond in de woestijn. Wanneer je de zwarte tent in het model opent zie je onderstaande

 

 

 

vanaf het noorden gezien. Links is dus het Kedrondal.

Let op de formaten van de poorten. Vandaaruit kun je de grootte van het geheel afleiden.

 

 

Een context voor lukas 1 en 2

Lukas laat zijn evangelie beginnen in de tempel. Vermoedelijk is Lukas een niet-jood. De “joodse achtergronden en zaken” zijn voor hem niet vanzelfsprekend. Ze zijn hem oorspronkelijk vreemd, zijn onderwerp geworden van liefde, van studie en groeiende betrokkenheid.

 

Het complex vanaf de noordkant van de Olijfberg gezien. Je ziet de ommuurde ruimte: voorhof der vrouwen. Daar ontmoette iedereen iedereen.
Trappen leidden naar de Nicanorpoort. Die naam is tijdens het college niet genoemd. Daarachter begint de ruimte waar alleen mannen mochten komen.
Centraal staat daar het tempelgebouw.

 

Voor Lukas is de tempel op een of andere manier “de eerste klap” die “een daalder waard” is, een motivatie bij uitstek. Alles: hoop en verwachting, geduld, toewijding, maar ook macht, overmacht en willekeur komen hier aan de orde. En het verhaal van die paar mensen, die nacht, met kerstmis opgejaagd naar waar ze thuis horen (hun vaders huis) en niet thuis zijn. En dan dat kind.

 

 

Het visioen. Stel je voor, vanuit een satelliet fotografeer je “het bijbelse land”, het geheel van de wereld waar de bijbelse verhalen zich afspelen. Je krijgt dan eerst te zijn, van rechts naar links: Babylon, Israël, Woestijn, Egypte, Anatolië (huidige Turkije) Griekenland, Rome, misschien nog wel verder. Daarna gaat de camera inzoomen. Anatolië, Griekenland, Rome vallen weg. Dat hoort bij het zogenoemde Nieuwe Testament. Over blijven Babylon, Israël,  de woestijn en Egypte.  In Babylon brandde het vuur van de Babylonische Ballingschap. Daar zijn al die verhalen gaan binden tot TeNaCh.

 

Zoomen we verder in: Israël, de woestijn en Egypte. Dit is het land van de TeNaCh, Tora, Profeten, Geschriften. Heel het bijbels tegoed is hier tekst en context geworden.

 

Zoomen we nu verder in. Dan houden we over: het land en de woestijn. Vergeet Egypte niet. Als je Egypte vergeet weet je niet wat ze in de  woestijn zoeken.   Als we verder  inzoomen valt de woestijn ook weg. We houden over waar alle verhalen op uit zijn: het land. Vergeet de  woestijn niet. Zonder woestijn is Israël een land als ieder land. Zonder woestijn wordt Israël niet door de verhalen gedragen. Het land is strikt voorwaardelijk. De voorwaarde is heel die geschiedenis van ballingschap, slavernij en bevrijding.

 

Laten we  het land voor wat het is, dalen we verder af. Het beeld concentreert zich op Jerusalem. Jerusalem is de kroon op het land, beeld en samenvatting van alles waar het  om begonnen is. Jerusalem rond de tempel. De tempel blijft over als beeld van Jerusalem. De tempel, de schrijn rond alle verhalen. Daarna komt de camera in het beeld tegen de grond. Voordat hij daarin verdwijnt maakt hij een kwartslag. Wat zien we? Twee voeten, een mens.  Wie is dat? Goede vraag.
Ik weet het niet. Jij kunt het zijn, of hij, of zij, hij ook, of Mozes, of Elia, of David, of de Messias.
Iedereen kan het zijn, gedragen door alle verhalen. Zo gooit de mens bijbels gesproken hoge Messiaanse ogen. Geschapen naar  Gods beeld en gelijkenis (Genesis 1) en niet klein te krijgen (bevrijdt uit de slavernij).

 

Vooraf: Vanuit het gemis.

Ook wanneer bijbelverhalen zich in onze oren voordoen als historische verhalen: ze zijn niet primair historisch. Het zijn verhalen die vertellen over wat niet meer is. Om te  beginnen hebben al die verhalen staan “pruttelen op het vuurtje van de babylonische ballingschap”. Al die zwerfstenen uit het verleden zijn zich daar gaan binden, zijn een geheel geworden: Tora, profeten, geschriften. Allemaal verhalen, uit op en geconcentreerd rond vrijheid als hoop en verzuchting, en bevrijding als groot gemis, als verlangen.

 

Belangrijk voorbeeld ter verheldering

Je kunt als derde jaars student praten over je eerste praktijklessen in het eerste jaar. Je deed wat je kon maar "je had nog geen idee".
In jouw verhaal (nu - heden) over vroeger kan ik horen hoe jij tegen onderwijs aan gaat kijken, hoe jij je visie op onderwijs, op jouw onderwijs (toekomst) weergeeft.

Je verhaal over vroeger is meer agenda (toe doen) dan acta (verleden tijd).

Zo zijn ook bijbelverhalen minder acta, meer agenda. 

 

 

1a. Plattegrond

 

trefwoorden:

van noord naar zuid

“Stad van David”

Sionsberg

Oost Jerusalem

Dorsvloer van Arauna

Tempel van Salomo

 

1b. Tempelgebouw

 

trefwoorden:
heilige: wierookaltaar, tafel der toonbroden, zeven armige kandelaar

heilige der heiligen: “heilig niets”, voor de babylonische ballingschap: de ark van het verbond.

 

1.c. Ark   Ex 25,10-22:

draagbare kist met goud bekleed, verzoendeksel, twee cherubijnen - het aangezicht naar elkaar toe: betrokkenheid, verbondenheid.

Met      stenen tafels Ex 31,18

            manna Ex 16

            bloeiende staf van Aäron Num 17,1-13

 

1d. Grote Verzoendag Lev. 16 – zondebok, een van de vele misverstane bijbelse woorden

 

 

De tweede orienterende les wordt rond 21 december op de site geplaatst 

vgl Pesach: Elia: misschien volgend jaar, misschien in Jerusalem

2. a. Jerusalem: Melkisedek: priester in Salem Gen 14,18-20 (vanuit 13,8-11; 14,1.14)

2. b. Eerstelingenoffer Deut 26.

2. c. De dorsvloer van Arauna 2Sam. 24,18

2. d. Ark naar Jerusalem 2Sam6.

2. e. David wil een huis voor de Heer bouwen 2Sam7         In vrede 1Kon 6,7.

2. f. In donkerheid 1Kon 8,10-13.

 

 

jan engelen herten 2003

home