We kennen het verhaal. Daarom troost de duif nu al, gereed gezet,
klaar voor zijn vredesvlucht.

Noach



 

Noach. Troost betekent die naam.

 

 

Die wij kennen als de kinderen van Adam, zijn volgens het verhaal ook de kinderen van Noach.

 

 

Een Ark vol leven. Het barst er bijna uit alles wat het beperkt.
Het verhaal wil Chagal zo te zien niet lezen als leven na de catastrofe.
Rechts zien we een menigte, een stroom van mensen, achter een bokje
- een zondenbok onder een opvliegende vogel

Een vogel, een pauw? In de christelijke iconografie beeld ook van de verrijzenis.
hij schermt een ruimte links af.
Vogels vliegen rond de ladder van Jacob. Een engel komt naar beneden.
De hemel is open.
Houdt de schilder linksboven het doek vast?

Drie grotere dieren, een paard, een hinde, een schaap.
Weer een vogel en meer dieren, een vis die een weg omhoog zoekt.
Langs de dieren naar beneden gaand kom je dan vanzelf bij de hand van Noach op het offerdier.

De mensen zijn vooral moeders met kinderen, over geboren worden en als nieuw geboren worden.
Midden in de menigte een kind als een corpus van een crucifix.

Over dood en verrijzenis.


De vogel die uit de vogel voorwaarts schiet verbeeld de dynamiek.
Mensen,
geliefden,
vrouwen en kinderen,
een kruisafbeelding gesuggereerd,
een open boek,
dieren die eerbij horen,
een bokje op de arm.

 

Op het grote wit bracht Chagall zaagsel aan om meer licht te vangen.
 

 

 
De regenboog

De droom van Noach,
de uittocht ook.

Klassiek, nu een engel met een baard.

Onder de boog genegenheid,
de man en de vrouw links,
de moeder en het kind rechts.

De boog landt op de aarde:
rechts man en vrouw,
links moeder en kind,
vluchtende mensen,
een kruisgestalte.

De kleuren van de regenboog
zijn in het schilderij te vinden.

De boog zelf is helder wit
over het visioen van Noach heen.

Boven de regenboog:
links een choeppa,
een baldakijn
waaronder een huwelijk gesloten wordt.
Mozes met een vissenarm,
vogels. mensen, de twee stenen tafelen.
En natuurlijk, koning David, rechtsboven, met zijn psalmenharp.

 

 

Een dorp, een huis dat een altaar wordt voor een brandoffer, het lam.

Vrijwel het midden: een man, een vrouw, een lam. Kan een toespeling duidelijker zijn?



rechts - beneden

Mozes, - misschien de schilder zelfs ook met een doek.

Het baldakijn en de bruid, het dorp, het licht